Or see the index

Hans Andreus
(1926-1977)
Laatste gedicht
Dit wordt het laatste gedicht wat ik schrijf,
nu het met mijn leven bijna is gedaan,
de scheppingsdrift me ook wat is vergaan
met letterlijk de kanker in mijn lijf,
en, Heer (ik spreek je toch maar weer zo aan,
ofschoon ik me nauwelijks daar iets bij voorstel,
maar ik praat liever tegen iemand aan
dan in de ruimte en zo is dit wel
de makkelijkste manier om wat te zeggen),-
hoe moet het nu, waar blijf ik met dat licht
van mij, van jou, wanneer het vallen, weg in
het onverhoeds onnoemelijke begint ?
Of is het dat jij me er een onverdicht
woord dat niet uitgesproken hoeft voor vindt ?
Uit: Laatste gedichten, Uitgeverij Holland, Haarlem 1977
Hans Andreus poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive A-B

Aimé Césaire
(1913-2008)
Entre autres massacres
De toutes leurs forces le soleil et la lune s’entrechoquent
les étoiles tombent comme des témoins trop mûrs
et comme une portée de souris grises
ne crains rien apprête tes grosses eaux
qui si bien emportent la berge des miroirs
ils ont mis de la boue sur mes yeux
et vois je vois terriblement je vois
de toutes les montagnes de toutes les îles
il ne reste plus rien que les quelques mauvais chicots
de l’impénitente salive de la mer
Recueil : “Cadastres”
Aimé Césaire poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive C-D, Césaire, Aimé

Boris Pasternak
(1890–1960)
Poetry
Yes, I shall swear by you, my verse,
I shall wheeze out, before I swoon:
You’re not a tenor’s shape and voice,
You’re summer travelling third class,
You are a suburb, not a tune.
You’re a street as close as May,
You’re a battlefield at night,
Where clouds groan loudly in dismay
And scatter, when dismissed, in fright.
And, splitting in the railway’s lace-
That’s outskirts, not refrain and home-
They crawl back to their native place
Without a song, as if struck dumb.
The shower’s offshoots stick in clusters
Till break of day, and all the time
They scribble on the roofs acrostics
And bubble up rhyme after rhyme.
All poetry is what you make it.
And even when the truism’s not worth
The rhyme, the flow of verse is scared.
The notebook’s open-so flow forth!
Boris Pasternak poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive O-P, Pasternak, Boris

Sonja Prins
(1912-2009)
Geen stem
geen stem in de wolkbreuk de plotselinge waterval
van de daken glijdend
druipende steen met hun zoute tongen
verwoest o geen stem
onder het afdak
geen oog en geen beeld en geen godheid
buiten het raam
wuivende takken en de echo van een licht
over de grond kruipend
nee een stroom wild
rode robijn
een wilde stroom
en het daglicht dat opstijgt
in de kuil van de zee
die het land omvademt
geen stem maar hij komt
hij komt kruipend
(uit ‘Nieuwe proeve in strategie’ van Sonja Prins, 1912)
Sonja Prins poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive O-P

Theodor Fontane
(1819–1898)
Der echte Dichter
(Wie man sich früher ihn dachte)
Ein Dichter, ein echter, der Lyrik betreibt,
Mit einer Köchin ist er beweibt,
Seine Kinder sind schmuddlig und unerzogen,
Kommt der Mietszettelmann, so wird tüchtig gelogen,
Gelogen, gemogelt wird überhaupt viel,
»Fabulieren« ist ja Zweck und Ziel.
Und ist er gekämmt und gewaschen zuzeiten,
So schafft das nur Verlegenheiten,
Und ist er gar ohne Wechsel und Schulden
Und empfängt er pro Zeile ‘nen halben Gulden
Oder pendeln ihm Orden am Frack hin und her,
So ist er gar kein Dichter mehr,
Eines echten Dichters eigenste Welt
Ist der Himmel und – ein Zigeunerzelt.
Theodor Fontane poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive E-F, Theodor Fontane

Léopold Sédar Senghor
(1906-2001)
Femme noire
Femme nue, femme noire
Vêtue de ta couleur qui est vie, de ta forme qui est beauté
J’ai grandi à ton ombre; la douceur de tes mains bandait mes yeux
Et voilà qu’au coeur de l’Été et de Midi,
Je te découvre, Terre promise, du haut d’un haut col calciné
Et ta beauté me foudroie en plein coeur, comme l’éclair d’un aigle
Femme nue, femme obscure
Fruit mûr à la chair ferme, sombres extases du vin noir, bouche qui fais lyrique ma bouche
Savane aux horizons purs, savane qui frémis aux caresses ferventes du Vent d’Est
Tamtam sculpté, tamtam tendu qui gronde sous les doigts du vainqueur
Ta voix grave de contralto est le chant spirituel de l’Aimée
Femme noire, femme obscure
Huile que ne ride nul souffle, huile calme aux flancs de l’athlète, aux flancs des princes du Mali
Gazelle aux attaches célestes, les perles sont étoiles sur la nuit de ta peau.
Délices des jeux de l’Esprit, les reflets de l’or ronge ta peau qui se moire
A l’ombre de ta chevelure, s’éclaire mon angoisse aux soleils prochains de tes yeux.
Femme nue, femme noire
Je chante ta beauté qui passe, forme que je fixe dans l’Éternel
Avant que le destin jaloux ne te réduise en cendres pour nourrir les racines de la vie.
Recueil : “Chants d’ombre”
Léopold Sédar Senghor poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive S-T, Senghor, Léopold Sédar

William Shakespeare
(1564-1616)
THE SONNETS
128
How oft when thou, my music, music play’st,
Upon that blessed wood whose motion sounds
With thy sweet fingers when thou gently sway’st
The wiry concord that mine ear confounds,
Do I envy those jacks that nimble leap,
To kiss the tender inward of thy hand,
Whilst my poor lips which should that harvest reap,
At the wood’s boldness by thee blushing stand.
To be so tickled they would change their state
And situation with those dancing chips,
O’er whom thy fingers walk with gentle gait,
Making dead wood more blest than living lips,
Since saucy jacks so happy are in this,
Give them thy fingers, me thy lips to kiss.
![]()
kempis.nl poetry magazine
More in: -Shakespeare Sonnets

10 mei 2012: 125ste geboortedag van J.C. Bloem
J.C. Bloem
(Oudshoorn, 10 mei 1887 – Kalenberg, 10 augustus 1966)
Lentewind
Lentewind, uw volle vlagen
Waaien wild in luide strooken,
Warmer dan de stille dagen
Voor de dooi was aangebroken.
‘t Ruischt en tikt van alle goten,
Van de naakte, zwarte takken.
In de weeke, sneeuwbesloten
Wegen smelten donkre vakken.
En gij stormt een verscher hopen
In de harten, die verdoften.
Nu zijn alle volgeloopen
Van uw zwellende beloften.
Nog laat gij niet af van geven,
En zij weten ‘t, de onvervulden:
Gij brengt ongeteugeld leven
Aan wie traag den winter duldden.
Lentewind, in later jaren
Zal uw roepstem mij weer vinden,
Maar die klank zal mij vervaren,
Waar mij stilte en grijsheid binden.
Dan zit ik bij ‘t zachte tintlen
Van den haard ineengedoken,
Peinzend, starend hoe de sintlen
Vallen, doovend en gebroken.
Vlijmend zal uw kouter klieven
Door mijn pijnende gedachten,
Want daarbuiten weet ‘k gelieven
In de onstuimigste der nachten.
En zij kussen, zij omarmen,
Scheppen leven, dorsten, drinken -
Roerloos zit ik, zonder karmen,
En ik voel mij sterven, zinken.
- Lentewind, die dronknen dragen
‘t Leven tot de verste scharen;
Laat mijn wankle kleinmoed klagen,
Waai en storm door alle jaren.
JC Bloem poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive A-B, Bloem, J.C.

Elizabeth (Lizzie) Siddal
(1829-1862)
Love and Hate
Ope not thy lips, thou foolish one,
Nor turn to me thy face;
The blasts of heaven shall strike thee down
Ere I will give thee grace.
Take thou thy shadow from my path,
Nor turn to me and pray;
The wild wild winds thy dirge may sing
Ere I will bid thee stay.
Turn thou away thy false dark eyes,
Nor gaze upon my face;
Great love I bore thee: now great hate
Sits grimly in its place.
All changes pass me like a dream,
I neither sing nor pray;
And thou art like the poisonous tree
That stole my life away.
Elizabeth (Lizzie) Siddal poems
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive S-T, Siddal, Lizzy

Antonin Artaud
(1896 — 1948)
Le Navire mystique
Il se sera perdu le navire archaïque
Aux mers où baigneront mes rêves éperdus ;
Et ses immenses mâts se seront confondus
Dans les brouillards d’un ciel de bible et de cantiques.
Un air jouera, mais non d’antique bucolique,
Mystérieusement parmi les arbres nus ;
Et le navire saint n’aura jamais vendu
La très rare denrée aux pays exotiques.
Il ne sait pas les feux des havres de la terre.
Il ne connaît que Dieu, et sans fin, solitaire
Il sépare les flots glorieux de l’infini.
Le bout de son beaupré plonge dans le mystère.
Aux pointes de ses mâts tremble toutes les nuits
L’argent mystique et pur de l’étoile polaire.
Antonin Artaud poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive A-B, Artaud, Antonin

Nick J. Swarth
Mijn onsterfelijke lever (een winterverhaal)
1. Het is geen broodje aap, boef.
Het is een straat die op de kaart staat, gewoon,
die je nooit neemt
(omdat je het niet waard bent
genomen te worden > BLING = KING
& YOU’RE A QUEEN!
Kom, til gerust de deken op, ik heb niets op mijn
onsterfelijke lever. De lucht is bruin, het denken
dief. Schrompel, Schram & Schrot.
Krostovič, heb je hier telefoon?
Nee, maar d’r is een cel om de hoek.
Ik ga even bellen. Als ie grappen uithaalt, schieten.
O.K. Nick.
You must be 18+ to read this poem.
If you are not 18+ please close your eyes.
2. Koppen freest de kou,
een heer van sneeuw, sneeuwsoldaatjes, verstoken
van buit.
Schrompel, Schram & Schrot, Ave, Ade (van
de opmerkelijkste mummies zijn er enkele bij toeval
toeval geconserveerd
Niemand bewaakte de maag
Niemand hield de darmen vast
Niemand hield een oogje op de longen
Niemand woog het hart, de onsterfelijke lever
Geen barst, geen biet, geen zier
snars noch sikkepit, moer noch fluit.
Verse maden
haalt de visser
uit de muur 24/7 om de hoek bij de dierenspeciaalzaak
O GEKKIE
JE BEKKIE
EEN STEKKIE VAN STEEN!
3. Zum Korken, overgeleverd aan koffie & brein. Helen
clandestien. Op het scherm een gier, geluidloos een buik
vlies doordringend.
O, die, ja, die. Die, die lag een dag voor pampus,
kop in de kattenbak, benen wijd
(op z’n Mexicaans, meneer, uit de hand, meneer
knalden de knapen een kapitaal aan pijlen de lucht in &
bestookten elkaar met rotjes, daarna), ‘s anderendaags
het beesten
een kreng
dat nekloos ploegde door de vorstkorst
& in de Obstquelle
kleumend foerageerde
tussen voor het doordraaien
behoed fruit DRIE mango’s voor EEN enkele euro!
Productinformatie uit den boze
in het buisverlichte kot. Alle appels heten er ‘appel’
alle peren ‘peer’
alle aardappelen ‘aardappel’
en als ze pijn zouden verkopen heette het simpelweg
‘pijn’, alle pijn, ook de lekkere. Met een beetje geluk
heb je er een koopje aan, in het andere geval keil je
de zak in de container
& ga je morgen weer. Schrompel, Schram & Schrot.
(uit: Nick J. Swarth: MIJN ONSTERFELIJKE LEVER. Gedichten & tekeningen. Uitgeverij IJzer, Utrecht | 2012. ISBN 978 90 8684 086 1 – NUR 305 – Paperback, 64 blz. Prijs: € 10)
Nick J. Swarth’s nieuwe bundel heet Mijn onsterflijke lever (Uitgeverij IJzer, mei 2012). Eerder verscheen in druk: ¡Mondo Manga’ (gedichten); Horror Vacui | een docudrama in 14 staties, verslag van een schandaalverwekkend kunstproject; Naked City Poems (stadsgedichten); Vier zure zultsculpturen (grafiekmap); De napalmsessies (bundel-dvd). Voorganger van het guerrilla rock trio Betonfraktion. Swarth is voorts actief in Zwarte Vleugels, dat voorstellingen maakt op basis van een rock-’n-roll-dramaturgie. Zie voor meer informatie: www.swarth.nl.
nick j. swarth poetry
kempis.nl poetry magazine
More in: Archive S-T, Swarth, Nick J.

Presentatie nieuwe dichtbundel Nick J. Swarth
Mijn onsterfelijke lever
Op woensdag 16 mei 2012 vindt de presentatie plaats van de nieuwe dichtbundel van Nick J. Swarth, ‘Mijn onsterfelijke lever’ (Uitgeverij IJzer, Utrecht). De dichtbundel kwam mede tot stand dankzij de steun van 73 donateurs, die een bijdrage leverden op voordekunst.nl, een site voor crowdfunding. Dankzij hen is ‘Mijn onsterfelijke lever’ in de boekhandel verkrijgbaar aan een uiterst scherpe prijs: EUR 10.
De lancering vindt plaats in Paradox, Telegraafstraat 62, 5038 BM Tilburg. Daar kan men terecht vanaf 20:00. Aanvang 20:30.
De presentatie van de avond is in de capabele handen van ‘juffrouw’ Janine Ensslin. Ze stond eerder garant voor het geslaagde crowdfunding-traject, dat de bundel mede mogelijk maakte. Zij zal onder andere spreken met Efrat Zehavi. Deze in Rotterdam woonachtige beeldende kunstenares werkt aan een animatiefilm op basis van teksten van Swarth. In Paradox toont zij de eerste resultaten van dit work in progress.
De dichter zelf treedt ook voor het voetlicht. Hij draagt een aantal kakelverse teksten voor, daarin bijgestaan op gitaar door instant composer Frank Crijns.
En omdat zo’n bundelpresentatie toch een feestje is, wordt de avond afgesloten met een vitaal optreden van de band Zibabu. Zibabu wortelt in de underground en treedt doorgaans op in kraakpanden, of tijdens demonstraties, spoorblokkades en wat dies meer zij. Rocking On Burning Barricades. Gedreven, vuurvast en voor geen gat te vangen. Unplugg your brain, baby!
Nick J. Swarth is dichter en performer. Werk in druk: ‘¡Mondo Manga!’ (gedichten, 2010); ‘Horror Vacui’, registratie van een schandaalverwekkend kunstproject (i.s.m. J. de Leijer, 2008); ‘Naked City Poems’ (stadsgedichten, 2007); ‘De napalmsessies’ (bundel-dvd, 2005). Swarth is de voice ‘n’ noise van het illustere guerrilla rock trio Betonfraktion. I.s.m. typograaf Sander Neijnens verwezenlijkte hij ‘Plekgedichten’ in de openbare ruimte.

Nick J. Swarth
MIJN ONSTERFELIJKE LEVER
Gedichten & tekeningen
Omslagontwerp: Nick J. Swarth
Foto’s omslag: Nick J. Swarth
Typografie: Bureau Vanbinnen
Uitgeverij IJzer, Utrecht | 2012
ISBN 978 90 8684 086 1
NUR 305
Paperback, 64 blz
Prijs: € 10
MIJN ONSTERFELIJKE LEVER werd mogelijk gemaakt door de 73 donateurs die hun geloof in de maker en zijn werk kracht bijzetten op Voordekunst.nl
kempis.nl poetry magazine
More in: - Art & Poetry News 2012, Archive S-T, Swarth, Nick J.
Thank you for reading KEMP=MAG - kempis.nl poetry magazine - magazine for art & literature